Mens en Samenleving: ‘We steunen elkaar in alles’

Dedemsvaart - In de rubriek ‘Mens en samenleving’, waarin Dedemsvaarters vertellen over de hoogte- en dieptepunten uit hun leven, terugblikken op het verleden en vooruit kijken naar de toekomst vertellen deze week broers Ronan (18) en Ryan (13) en zus Esmee (15) Zwaagstra uit Dedemsvaart over hun passies: voetballen en paardrijden.

Ze presteren enorm goed en genieten daarvan. ‘We hebben een goede band en steunen elkaar in alles.’

Geen puberruzies in huize Zwaagstra in Dedemsvaart. Ronan, Ryan en Esmee zitten op een rij aan de tafel en kijken elkaar tijdens het gesprek steeds lachend aan. Ronan en Ryan voetballen bij FC Emmen, Ronan in de A1 (onder de 19) en Ryan onder de 14. De paarden en pony’s van Esmee (5 stuks) steken af en toe hun hoofd even uit de stal, die te zien is vanuit de woonkeuken. Esmee rijdt dressuurwedstrijden op internationaal niveau en hoopt op den duur in de paarden mee te doen met een Europees kampioenschap. ‘Ik ga er alles aan doen om dat te bereiken. Of mijn droom de Olympische Spelen is? Eerst dat kampioenschap maar eens’, zegt ze lachend.

Met Ronan begon het op 5-jarige leeftijd. ‘Op die leeftijd begon ik met voetballen bij SCD ’83 en dat ging goed. Ik werd gescout voor de jeugdopleiding van FC Emmen. Ik trainde daar tot mijn tiende een keer in de week en dat was erg leuk. Ik ben ook nog even bij PEC Zwolle geweest, maar daar miste ik mijn vrienden en ging daarom snel weer terug naar Emmen. Ik heb na dit seizoen de hele jeugdopleiding bij FC Emmen afgerond. Wat ik daarna wil? Voetballen bij MSC in Meppel en dan zie ik wel weer verder. Ik hoop dat ik dan gescout word door bijvoorbeeld een eredivisieclub om daar te voetballen.’

Ryan voetbalt ook bij FC Emmen. Handig, vinden beide broers. ‘Ik heb sinds een tijdje mijn rijbewijs en dan gaan we samen na school naar de training en daarna naar huis.’ Ryan voetbalde ook een tijd bij PEC Zwolle. ‘Ook leuk, maar de sfeer bij FC Emmen is heel goed en daarom ben ik weer bij Emmen terechtgekomen.’ Moeder Rachanie en vader Jan-Jouke knikken. ‘Het is logistiek veel makkelijker, daarom hebben we bij Emmen gevraagd of Ryan daar ook kan voetballen. Dat mocht en dat kwam goed uit.’

Voetballen is voor beide heren een uitlaatklep. ‘Ik heb veel energie en dat komt er door het voetballen wel uit’, zegt Ryan. ‘Sinds zaterdag heb ik een blessure en het is nu woensdag en dat merk ik echt. Dan ben ik thuis veel drukker.’ Esmee en Ronan lachen om hun broertje. ‘Je hebt wel helemaal gelijk’, zegt Esmee. ‘Je bent amper te houden.’

Eigen pony’s

Esmee is al sinds haar zesde druk met paarden en pony’s. ‘Eerst reed ik op verschillende maneges. Ik bleek het zo leuk te vinden dat ik uiteindelijk een eigen pony kreeg, waarmee ik wel een keer een wedstrijd wilde doen. Die pony heet Pegasus en staat hier toevallig nu weer, te genieten van z’n oude dag. Dat wedstrijd rijden ging heel goed.’ Esmee kwam hoger- en hogerop en haar droom werd werkelijkheid: internationaal rijden. ‘Mijn eerste wedstrijd was in Frankrijk en dat ging super. De pony waarmee ik dat altijd deed, was de afgelopen tijd geblesseerd, dus het staat nu even op een laag pitje, maar we gaan binnenkort weer starten. Ik heb zelfs les gehad van de bondscoach van het Nederlands team, dat was heel gaaf. Omdat ik dit jaar 16 jaar word, wil ik ook overstappen op de paarden. Kijken hoe dat gaat.’

Broers en zus zijn er dus voor elkaar. ‘We leven met elkaar mee als het tegenzit. Wij hebben af en toe blessures en dat kan erg vervelend zijn’, vertelt Ronan. Ryan is het daarmee eens. ‘Maar toch kan ik me meer inleven in Ronan dan Esmee. Als jij wat met je pony’s hebt vind ik dat erg, maar als Ronan wat heeft vind ik dat erger’, zegt hij lachend. Esmee grinnikt. ‘Ach, zolang we maar trots op elkaar zijn.’

Ryan heeft niks met paarden, vertelt hij tijdens het interview, maar misschien is dat wel stoer doenerij.

Ondertussen is hij naar buiten gegaan en zien Ronan en Esmee en moeder Rachanie dat hij het grootste paard van stal enkele kussen geeft op de neus. ‘Geweldig. En dat terwijl hij een week geleden nog vertelde dat hij dat paard veel te groot vindt. Stiekem heeft hij er wel hart voor.’