Bewoner overvalt gemaskerde mannen in Lutten

Zwolle – Tegen twee mannen uit Dedemsvaart en Hollandscheveld zijn dinsdag celstraffen geëist voor een poging tot inbraak in Lutten. Ze werden overlopen door de bewoner die thuis kwam. In het donker vielen klappen, bleek op de zitting in de rechtbank in Zwolle.

Het is donker als in de avond van 2 oktober vorig jaar de bewoner van een van de huizen aan de Anerweg-Noord thuis komt. Hij zwaait het portier van zijn auto open en weet een van twee gemaskerde mannen op zijn erf te raken. Er ontstaat een worsteling waarbij de aangever op het hoofd geslagen werd, zo is zijn verhaal. De twee verdachten hadden op zitting een andere versie van het gebeuren. De 37-jarige verdachte uit Dedemsvaart wist dat er ghb in dat huis lag, zei hij de rechters. En hij was zwaar verslaafd in die tijd. 'Ik gebruikte een liter ghb per week. Was ik hier een paar maand mee doorgegaan, dan had ik hier niet meer gezeten.' 

Na een belletje wist hij dat de bewoner niet thuis zou zijn. Dus ging hij met een 39-jarige man uit Hollandscheveld naar het pand. Die zei de rechters niets geweten te hebben van ghb. Hij wilde alleen even kijken of de bewoner thuis een wietplantage had. Toen de bewoner thuis kwam, zette de man uit Dedemsvaart het op een lopen. Via de weilanden vluchtte hij naar familie. De iets oudere verdachte wist niet weg te komen. Toen agenten arriveerden lag hij iets verderop in een sloot.

Bedreiging van agenten

De verdachte uit Dedemsvaart stond ook terecht voor een belediging en het bedreigen van agenten. Hij zou zwaaiend met een mes voor ze gestaan hebben. Hij was zwaar onder invloed maar herinnert zich dat niet gedaan te hebben. 'Ik had het mes op mijn eigen keel gezet zodat ze weg zouden gaan', was zijn verklaring. De agenten kwamen langs omdat hij nog een straf open had staan. Ze zijn allebei inmiddels van de drugs af. 'Ik heb vijf keer de dood in de ogen gekeken', zei H. over het afkicken. Hij verblijft in een kliniek. Het Openbaar Ministerie eiste tegen de man uit Dedemsvaart 360 dagen cel waarvan 274 dagen voorwaardelijk. Tegen de tweede verdachte werd 270 dagen cel waarvan 231 dagen voorwaardelijk geëist.

Over het geweld bij de mislukte inbraak zijn beide advocaten het met elkaar eens: het was de aangever die om zich heen sloeg. Veel meer dan een poging tot inbraak is het niet geweest.

Vonnis op 23 april.